Mijn hart dat maakt een sprongetje.
Het is zijn ritme kwijt.
Het slaat een slagje over.
Misschien voor onbepaalde tijd.
Ik voel innerlijke borrelingen.
Spinsels zitten in mijn hoofd.
Ik moet mijzelf bedwingen.
Zijn liefde heeft mijn hart geroofd.
Zonder pijl is het alleen een hart.
Zonder hart geeft de pijl de richting aan.
Maar met die pijl er dwars doorheen, gaat mijn hart steeds sneller slaan.
Het is de motor van de ziel.
Om de liefde draait het leven.
Het is als een vliegend wiel.
Al duurt het soms maar even.
Jaloezie is het slot op de liefde.
Maar als Amor zijn kruit verschiet.
Is hij die een pijl dwars door mijn hart heen schiet.
Hennie de Wijs